Op 13 augustus 1961 begon men in Berlijn met het bouwen van een muur. Die muur bleef een tijdje staan, tot 9 november 1989, toen de Oost-Duitse regering de grens met het Westen opende. Berlijn is een stad met meer historie dan misschien goed is voor een stad. Een stad waarin het verleden reden is tot bezinning en rekenschap (Vergangenheitsbewältigung is een Duits woord). Waar het verleden in een stad als Parijs log op het heden kan drukken, een obstakel voor verandering kan zijn, laat ze in Berlijn ruimte. Die geschiedenis – rijk en brisant- verdiept en trekt maar laat oog in oog met de voortschrijdende tijd haar klauwen los. Het schuren van gedane zaken met de toekomst die anders en beter moet zorgt voor een dynamiek die je meteen bij de lurven grijpt.
Het was in 2004 dat ik ervoor het eerst verbleef. Bij een vriendin, een (voormalig) Oost-Berlijnse, die me de stad liet zien en beleven als was ik een ingezetene en geen toerist. We praatten over de geschiedenis van de stad en (onvermijdelijk) die van Europa (“en daarom kan ik Russisch lezen en jij niet”), over het leven in het Oosten (in het oosten hoefde je je deur nooit op slot te doen, wel moest je eerst vrienden worden met de loodgieter als je wilde dat die kwam en op een auto moest je jaren wachten, als je geluk had), we bespraken het verschil tussen Ossies en Wessies (we zijn vrienden maar er zijn weinig échte relaties tussen mensen uit die twee groepen – dat is, ruim 15 jaar later, nog steeds zo). We hadden het over muziek en gingen naar de opera. Van een vriend van haar hoorde ik het verhaal over de jeugd die achter de muur illegaal naar de West-Duitse (Amerikaanse) radio luisterde; toen de muur viel was het eerste wat die vriend deed in het westen een plaat van Neil Young kopen. Ik was ontroerd en we hadden het over Verdi, Soundgarden en The Beatles. “Wat ben je toch een man met een open geest,” zei ze aan het einde van die avond. “Je praat met mijn vrienden net zo makkelijk over opera als over heavy metal.” “Als jouw vriend na het vallen van de muur een plaat van Simply Red had gekocht hadden we geen gesprek gehad,” was het antwoord. In het uitgestrekte landschap van de geest had ik mijn eigen muur staan.
